Hoe de parabel van Daoud Nassar tot museumbezoek stimuleert

Hoe de parabel van Daoud Nassar tot museumbezoek stimuleert

Column door oud-bestuurslid Rien Wattel

‘Een boer die op zijn land loopt, heeft een visioen: hij ziet al een bloeiend veld. Maar hij weet ook: die droom vraagt samenwerken van hart en handen. Het begint ermee dat jij met je handen door de grond wroet. Hoop, dat visioen, is níet: wachten op morgen, maar nú beginnen. Dat leerde onze grond mijn opa, mijn vader en nu mij. Zo begint het en zo houd je het vol’.

 

Dat vertelde Daoud Nassar van de boerderij Tent of Nations bij Bethlehem. Op zaterdag 6 april was hij in Utrecht te gast bij Vrienden van Tent of Nations Nederland. Daar werd hem  gevraagd: hoe hou je het vol, terwijl de agressie om je heen steeds dichterbij komt? De nederzettingen komen staan al maar dichter om zijn land en zelfs eróp, de kolonisten worden steeds brutaler en gewelddadiger. En van de Israëlische militairen weet je nooit hoe ze zullen reageren – je hebt zomaar een kogel door je hoofd. ‘En de procedures om het land écht op onze naam te kunnen zetten, krijgt van de Israëlische rechters uitstel op uitstel’. Het visioen van de boer houdt hem op de been. Hij blijft plannen maken. Zo wil  hij nu op de boerderij ook een helende plek creëren voor mensen die getraumatiseerd zijn – en wie is dat niet in Palestina? ‘Altijd met je handen door de grond wroeten.’

 

Het deed me denken aan een citaat van Merlijn Twaalfhoven: ‘Hoe de voorstellingen in ons hoofd de wereld bouwrijp maken’. Onze wereld, zegt hij, wordt twee keer geschapen: eerst in onze gedachten en daarna in de werkelijkheid. Hoe de wereld wordt, zegt hij, is het product van onze geest. Als ons denken rechtlijnig en kaal is, zal onze wereld dat ook zijn. Als we dromen toelaten, idealen de ruimte geven en gevoel voor schoonheid en fantasie ontwikkelen, dan zien we die steeds voor ons. En willen we in zó’n wereld leven. Precies dát is de essentiële stap om die wereld echt te gaan maken. Hoe leer je dat? Kunst kan helpen dat te leren en te ontwikkelen. Twaalfhoven zegt: kom op, schudt die creatieve, speelse en onderzoekende houding in jezelf wakker. De ‘kunstenaarsmindset’ noemt hij die. We hebben het allemaal in ons om iets van waarde te maken – en als we dat samen doen, maken we het verschil.

 

Het staat in zijn boek: ‘Het is aan ons – Waarom we de kunstenaar in onszelf nodig hebben om de wereld te redden.’ Als componist en theatermaker ging hij naar vluchtelingenkampen of steden waar spanningen zijn. Van Jeruzalem tot Zaandam. Daar maakt hij met kinderen en volwassenen theatervoorstellingen en muziek. Want hij gelooft: als we ons hoofd die kant op draaien en ontdekken hoe fijn het is om iets moois te maken, verdwijnen onze destructieve, neerslachtige en negatieve gedachten en ons gebrek aan geloof in een goede toekomst. En als je zijn boek leest, zie je dat in die kampen bij vluchtelingenkinderen gebeuren.

 

Het deed me denken aan hoe ik soms de tijd totaal vergat, als ik achter het kerkorgel een nieuw stuk zat in te studeren. Dat moment dat ik merkte: het begint te klinken! Maar ook als ik rondloop in een museum, zoek wat een schilder bewoog om dit zó te schilderen. En dan soms ineens iets verrassends ontdek. Lijnen en kleuren volgen en proberen die ‘taal’ te vertalen.

 

Helpt dat om iets te doen aan de Gaza-oorlog, aan een één- of twee-statenoplossing? Die zijstap een museum in, helpt mij om het vol te houden activist te zijn. Op de Grote Markt in Haarlem ook een blokje namen van gedode kinderen in Gaza voor te lezen. In preken en gebeden Gaza te noemen. Komend seizoen een serie avonden te plannen over Palestina, bijvoorbeeld om gedichten en schilderkunst van Palestijnen te ontdekken – ze zijn altijd uit verzet ontstaan.

 

Museumbezoek of nog beter: zelf schilderen of muziek maken als training in scheppen – doen,  het helpt!

KAIROS SABEEL zet zich in voor rechtvaardige vrede in Palestina.